Huisregels 2016-08-16T19:50:33+00:00

“Huis”regels & spelregels

 

Op ons terrein gelden een aantal huisregels, deze willen wij jullie graag alvast vooraf aan jullie melden.

 

  • Rustig rijden met de auto op het terrein.
  • Er mag geen geweld op het terrein gebruikt worden.
  • De begeleider van de hond moet minimaal 15 jaar oud zijn.
  • Voordat de honden de training starten, dienen de honden uitgelaten te zijn. Dit kan in het bos achter ons terrein. Mocht er onverwachts toch een “ongelukje” gebeuren, dient de begeleider dit zelf op te ruimen d.m.v. een zakje. Dit kan weggegooid worden in de daarvoor bestemde emmer bij de bus.
  • Bezoekers zijn altijd welkom om te komen kijken. Voor familieleden is dit alleen maar leerzaam. Bezoekers graag langs de kant laten blijven om te kijken. Kinderen vallen onder de verantwoording van de ouder die langs de kant staat te kijken.
  • Tijdens de lessen de honden niet laten spelen met elkaar. Zo leren ze al jong dat op het veld gewerkt moet worden. Het is de bedoeling dat de honden alle aandacht voor de baas hebben en niet voor hun soortgenootjes. Alleen als de hondjes aandacht voor de baas hebben, kunnen ze iets leren.
  • Socialiseren met elkaar, kan in een ingelaste pauze in de les buiten het gedeelte waar getraind wordt. Aangelijnd of na overleg met de instructeur los. Los op eigen verantwoording.
  • Bij het aanleren van alle oefeningen wordt gebruik gemaakt van: Stem, brokje, speeltje. Zorg dus dat u deze altijd bij zich heeft.
  • De hond leert op een positieve manier en zonder dwang de oefeningen aan. Als men bang is dat de hond hierdoor teveel voer binnenkrijgt, kan men een handje van de dagelijkse portie van het voer afhalen en dit bij de training gebruiken.
  • Het is af te raden de hond kort vóór de training te laten eten. Zorg dat er ca. 2 uur tussen een maaltijd en de training ligt. I.v.m. o.a. maagtorsie
  • Na elke oefening wordt de hond eerst beloond met de stem; en direct daarop (als extra stimulans) een brokje. Daarna wordt het commando opgeheven door de hond vrij te geven.
  • Bij Puppyclass zien we het liefst dat gebruik wordt gemaakt van een gewone gladde leren halsband en riem (ca. 1 meter). Ook een nylon/katoenen riem en halsband is prima.
  • Een riem met schakels wordt afgeraden; als het puppy klein is gaat dat nog wel, maar als de hond groter en sterker wordt en onverwachts trekt, staan de blaren in je handen. Of de hond krijgt de riem tegen zijn snuit bij een correctie. Ook een uitlooplijn of dubbele lijn wordt afgeraden. De behuizing van de uitlooplijn kan bij de oefening “hierkomen” tegen de hond aanklappen. In de dubbele lijn kunnen ze verstrikt raken met hun poten bij deze oefening. Gevolg: de hond zal deze oefening niet leuk vinden.
  • Om een goed overzicht te hebben van het aantal lessen dat een cursist heeft bijgewoond, houden we een absentielijst bij.
    Afmelden graag bij Astrid via de telefoon: 070-3473065/06-52051337 of mail: info@puppyclass.nl of de les ervoor bij uw instructeur.

 

Spelregels

 

  • U dient met de hond aangelijnd ons trainingsterrein te betreden. Hou rekening met het feit dat uw hond weet waar hij naar toe gaat en lijn hem dan ook tijdig aan als u via het bos naar ons toekomt.
    Voor de groepen die aan het trainen zijn is het vervelend als er een hond de les komt verstoren. Voor “ongelukjes” – zoals een hond die losschiet – hebben we natuurlijk begrip;
  • Als u vóór de training uw hond wilt laten spelen, zorg er dan voor dat hij niet kan ontsnappen en alsnog de lessen verstoren. Overigens is het beter om de honden nà de lessen te laten spelen omdat ze vaak veel te opgewonden zijn en geen aandacht voor de training hebben. Het spel achteraf is een mooie beloning.
  • De pubers en oudere honden (vanaf Gehoorzame Hond) dienen aangelijnd het trainingsterrein te verlaten en mogen pas los op het losloopveldje. Draag er zorg voor dat uw hond daar blijft.
    Het aangelijnd vertrekken is gelijk een goede oefening van wat u op de training geleerd hebt. En een goede oefening voor de praktijk. Uw hond dient niet te trekken.
  • De pups gaan voortaan halverwege de les 10 minuutjes onder begeleiding met elkaar spelen. Zodat de pubers en de pups gescheiden van elkaar kunnen spelen. Hierbij is het ook belangrijk op de grootte van uw hond te letten. Laat een grote hond niet te ruw spelen met de kleintjes. We proberen u hierbij ook weer zoveel mogelijk te begeleiden.
  • Onze instructeurs proberen u zoveel mogelijk te begeleiden. En zullen ook kunnen ingrijpen als dat nodig is. Het is namelijk belangrijk dat alle honden de gelegenheid krijgen verschillende ervaringen met spel te krijgen, winnen en verliezen. Honden die altijd winnen groeien teveel uit. Honden die altijd verliezen worden te onzeker. Als baas zult u die begeleiding ook moeten geven. Wij helpen u daar graag bij. En heeft u wat extra begeleiding nodig, vraag het ons gerust.
  • De begeleiding kunnen we alleen geven de laatste 10 minuten van de lessen. Hierna is de verantwoording voor u. We hopen op uw begrip hiervoor. In de volgende les hebben andere cursisten onze aandacht nodig.
  • We proberen u zoveel mogelijk te begeleiden, maar verwachten ook uw verantwoording voor uw eigen hond. Socialiseren met elkaar is heel leuk, maar houdt ook een oogje op uw oogappel.
  • Tot slot willen wij onze cursisten erop wijzen dat we te gast zijn op het terrein van Duindigt. Aangezien ook paarden en hun begeleiders van het parkeerterrein gebruik maken zullen we met elkaar rekening moeten houden. Het terrein is hier groot genoeg voor. Van onze cursisten verwachten we respect ten opzichte van medegebruikers van het terrein. Wij verwachten dan ook dat honden waarvan bekend is dat zij achter paarden aangaan aangelijnd worden op het terrein en in de directe omgeving daarvan als er paarden in de buurt zijn.

 

Algemene informatie over spel en socialisatie tussen honden onderling

 

De meeste honden in Nederland wonen in dichtbevolkt gebied. Deze honden worden uitgelaten op plaatsen waar regelmatig meerdere honden samen komen, in de losloopgebieden. De honden komen dus ‘vreemde’ honden tegen: uit een andere roedel, eventueel van een ander uiterlijk en/of met een andere wijze van communiceren. Zo zal een Sheltie waarschijnlijk een interactie anders aangaan dan een Labrador.

 

In het dagelijks leven zijn er twee vaardigheden die de hond onder de knie moet krijgen:

 

  • Andere honden waarnemen, maar er geen fysiek contact mee willen hebben: na waarneming volgt geen toenadering of interactie. Dit is plezierig als de hond mee gaat naar een restaurant, bij aangelijnd lopen, in de wachtkamer van de dierenarts, tijdens het fietsen, etc.
  • Met andere honden ontspannen contact te hebben, bijvoorbeeld fysiek contact door snuffelen, spelen, etc. Dit is bijvoorbeeld fijn als de hond mee gaat naar een gezin waar een andere hond is, of bezoek in huis krijgt dat zijn hond heeft meegenomen.

 

Honden zijn uitgerust met een indrukwekkende set tanden die vervelende verwondingen bij soortgenoten kan veroorzaken. Deze verwondingen vormen een groot risico voor het individu en voor de roedel. Vandaar dat er geritualiseerde gedragingen zijn die in het geval van een conflict ertoe moeten leiden dat dit opgelost wordt zonder schade.

 

Voorbeelden zijn: grommen, wegkijken, snappen, fixeren, hoge en lage houdingen, bijtremming. Om deze geritualiseerde gedragingen en houdingen te kunnen herkennen en te kunnen inzetten, moet een hond hier van jongs af aan herhaaldelijk mee kennismaken. Zowel de interactie met de moeder als met de nestgenoten leggen een enorm belangrijke basis. Om deze basis uit te breiden, moet de hond vele momenten van interactie en spel met andere honden meemaken. Zo leert hij de kracht van zijn kaken te beheersen, houdingen en gedragingen te herkennen en hier juist op te reageren. Binnen het nest maakt een hond kennis met honden van hetzelfde type (uiterlijk en manier van spelen).

 

Hoe herken je spel?

Spel is te herkennen aan de spelgedragingen: rolwisselingen, overdreven bewegingen, spelboog, spelgezicht met opzij gerichte speloren, open bek zonder tanden en een brede kwispel. Sommige honden laten tijdens spel een spelgrom horen.

Bij leuk spel is er een balans tussen de honden (rolwisselingen) en is het gedrag minder gericht (overdreven bewegingen) dan wanneer het een serieuze aangelegenheid zou betreffen. Bij rennen zie je bijvoorbeeld dat de voorste hond contact houdt met de hond die volgt, door omkijken, inhouden, etc. Als de voorste hond alleen maar probeert te vluchten en te ontkomen, is het geen (leuk) spel. Hierbij zie je vaak een zeer lage houding bij de hond die ‘achtervolgd’ wordt. Deze hond loopt het risico dat hij echt de ‘haas’ wordt en dat de achtervolgende hond zijn spel laat omslaan in een daadwerkelijke achtervolging. Andere honden kunnen hierin meegaan waardoor een gevaarlijke ‘ganging up’ situatie ontstaat.

Bij worstelen zie je als het leuk is nu eens de ene hond boven, dan de andere. Als het niet leuk is, zie je langdurig een hond onder (meestal in een lage houding). Daarbij ontstaat een groot risico op (te veel) overwinnaarervaring voor de bovenste hond en op verliezerervaring voor de onderste.

Het eindresultaat moet een hond zijn die zelfvertrouwen en ontspannenheid laat zien bij andere honden, een goede fysieke ontwikkeling heeft doorgemaakt, een goed probleemoplossend vermogen en een goed geoefende bijtrem heeft en ook nabij andere honden goed contact houdt met zijn eigenaar en naar hem kijkt voor toestemming om wel of niet met een andere hond een interactie aan te gaan.

 

www.puppyclass.nl